nieuws |
projecten |
publicaties |
info |
contact |
&koptext=Algemene informatie Het Bolwerk&contenttext= Servaasbolwerk, Utrecht. Een onwaarschijnlijk mooie plek. Met de glooiingen van het Zocherpark, de Sterrenwacht en het zicht op de Nieuwegracht. Niet alleen de huizen, ook de bomen zijn er monumentaal. Het is er stil en stedelijk tegelijk. Hier woonden ooit de nonnen van de St. Servaasabdij. In de voormalige kloostertuinen verrees in 1944 een (gecamoufleerde) Duitse bunker van 30 bij 35 meter. De bunker aan het Servaasbolwerk was niet als bunker te herkennen omdat die schuil ging achter een ‘normale’ gevel van donkere baksteen. Achter de ramen en onder de dakpannen bevond zich niets anders dan gewapend beton van drie meter dik. Het was een massief bouwwerk dat zich niets aantrok van de omgeving en al jaren niet meer werd gebruikt. Op de fundering van de oude bunker staat sinds 2006 appartementengebouw ‘Het Bolwerk.’ Voor dit project is Edwin Oostmeijer bekroond met de Gouden Piramide 2006, de Rijksprijs voor inspirerend opdrachtgeverschap. Lees meer. Uit het juryrapport van de Gouden Piramide 2006: ‘Een journalist werd projectontwikkelaar.’ Zo kenschetste inzender/opdrachtgever Edwin Oostmeijer op even bondige als objectieve wijze zijn rol bij de totstandkoming van het appartementencomplex Het Bolwerk in Utrecht. Het verhaal van de totstandkoming bleek echter een ‘spannend jongensboek’, zo werd in de jury opgemerkt. De beschrijving van het allereerste idee – het herkennen van een gecamoufleerde Duitse bunker op het Servaasbolwerk in hartje Utrecht als ‘ideale’ bouwlocatie – tot aan de uiteindelijke verwezenlijking van zijn architectonische droom, is een soms onthutsend relaas vol hindernissen, tegenwerkingen, bedreigingen – inclusief een kogelbrief –, de ontnuchterende inbreng van zogenaamde vakdeskundigen en benauwd conservatisme. Maar ook van architectonisch plezier. Het voorbereidings- en bouwproces van tien jaar is eerder te kwalificeren als een taaie strijd, dan als het verwezenlijken van een (bouw)plan met de gebruikelijke moeilijkheden. Hier is zonder meer sprake van een enorme prestatie. Zo’n vasthoudende, onverschrokken inzet komt men niet gauw tegen. Zeker als bedacht wordt dat Oostmeijer zich het metier van opdrachtgever in de bouw ook nog eens ‘werkende weg’ moest eigen maken. ‘Inspirerend’ is wel het minste wat men over zijn opdrachtgeverschap kan zeggen. Het is bovenal persoonlijk en moedig. Niet alleen de geschiedenis van de totstandkoming, maar ook het resultaat is opmerkelijk. In zijn toelichting openbaarde Oostmeijer zich direct als een natuurtalent met een uitstekend ontwikkeld architectonisch gevoel. Zo wist hij direct dat het gebouw op die prachtige lommervolle plek aan de rand van het Zocherpark een ‘ingetogen’ gebouw moest worden. Ook de bijpassende, paarsachtige gevelsteen koos hij zelf. En in de architectenkeuze toonde hij zich al even trefzeker: bOb van Reeth van AWG Architecten. Oorspronkelijk waren niet alle juryleden even overtuigd van de architectonische kwaliteit van het project. Maar het bezoek maakte korte metten met de aanvankelijke bedenkingen. In de nabeschouwing bracht een jurylid zijn enthousiasme als volgt onder woorden: ‘Het complex is zo subtiel, zo mooi gedetailleerd, zo verfijnd.’ Anderen roemden de geweldige situering in de omgeving en de rust die het geheel uitstraalt. Geconcludeerd moet worden dat zowel de geschiedenis als het eindresultaat van Het Bolwerk haarfijn illustreert waar de Gouden Piramide – als opdrachtgeversprijs in de architectuur – voor stáát. Een inspirerende opdrachtgever die in nauwe samenwerking met de architect ware architectonische kwaliteit weet te bereiken. Beschrijving Op de locatie van een voormalige (gecamoufleerde) bunker aan het Servaasbolwerk in het centrum van Utrecht is tussen de bomen een ingetogen woonblok verrezen van zo’n 15 meter hoogte. Het heeft de naam Het Bolwerk meegekregen en bestaat uit zestien appartementen, die variëren in grootte van 128 tot 157 m2, rond een cour in de vorm van een binnentuin. De gevels van het exterieur zijn uitgevoerd in donkere, enigszins paarskleurige baksteen. Het rechthoekige blok wordt plaatselijk ingesneden door inpandige loggia’s die zich midden in de appartementen bevinden en daardoor de plattegronden ‘openmaken’. De verticale ramen zijn op een speciale manier uitgevoerd. De (buiten)beglazing (inclusief de loggia’s) is nagenoeg kaderloos, in gehard glas uitgevoerd. Het onderste deel is vast gemonteerd, terwijl het bovenste deel als luiken is te gebruiken. De omsloten binnentuin, die te bereiken is via een hellingbaan, ligt 1,40 meter hoger dan het maaiveld en geeft toegang tot twee trappenhuizen met liften. Onder de woningen op de begane grond en de binnentuin bevindt zich een halfverdiepte garage waarin zestien parkeerplaatsen, bergingen en een containerruimte zijn ondergebracht. De bestrating van het binnenhof is van hetzelfde materiaal als de buitengevels. De muren zijn echter witgepleisterd, en zorgen voor veel licht op zowel de binnenplaats als in de appartementen. De serene binnentuin, die de overgang vormt naar de privé-sfeer van de woning, is ingericht naar een ontwerp van Veenenbos en Bosch landschapsarchitecten. In het midden is een tapijt van mos en sedums aangebracht in een onregelmatig patroon van smalle en brede banen. Aan de rand is een lange bank geplaatst. Het Bolwerk is niet zonder slag of stoot op deze plek gerealiseerd. Het avontuur begon met de ontdekking van Edwin Oostmeijer – in het bestemmingsplan – dat de bunker die hier in 1944 door de Duitsers gebouwd was maar nooit had gefunctioneerd, in de toekomst eventueel vervangen zou kunnen worden door woningbouw. Hij werd hierdoor geïntrigeerd, vooral omdat hij de prachtige locatie goed kende. Hij deed zelf onderzoek in de archieven van het Instituut voor Oorlogsdocumentatie en concludeerde dat de bunker volgens hem geen historische waarde bezat. Vervolgens sprak hij met het plaatselijke bewonersplatform, dat positief reageerde op zijn ideeën. Oostmeijer benaderde vervolgens bOb van Reeth van AGW Architecten en besprak met hem zijn ideeën voor een gebouw op deze plek. Samen zijn ze gaan praten met de dienst Monumenten van de gemeente Utrecht, die het een lastig te realiseren plan leek vanwege de enorme sloopkosten van zo’n robuust gebouw. Oostmeijer liet zich hierdoor niet ontmoedigen en probeerde te achterhalen hoe hoog deze kosten exact zouden zijn. Ondertussen was architect Van Reeth aan de slag gegaan met de eerste schetsen voor zo’n gedacht gebouw op basis van de globale aanwijzing van zijn opdrachtgever in spe dat het bouwwerk stoer en introvert moest zijn, en dat het het park zo min mogelijk moest verstoren. Al snel kwam de architect tot de hoofdopzet van het gebouw, dat haast ongewijzigd gerealiseerd zou worden. Een sober blok dat qua karakter aansloot bij de stoerheid van de oorspronkelijke bunker. Met dit ontwerp ging Oostmeijer de boer op en de gemeenteraad gaf in 1998 een intentieverklaring af dat als de bunker daadwerkelijk zou worden afgestoten, Oostmeijer het eerste recht op koop kreeg. Hierna kwam er echter vertraging in het traject. Verschillende instanties, van zowel het rijk als de gemeente, stuurden er toch op aan om het gebouw de monumentenstatus te verlenen. De argumenten die werden aangevoerd, schenen Oostmeijer echter zowel te mager als soms ronduit dubieus en daarom vroeg hij de afdeling Architectuurgeschiedenis van de Vrije Universiteit van Amsterdam om een contra-expertise. Oostmeijer werd door hen bevestigd in zijn ideeën: de historische betekenis van de bunker kon niet worden vastgesteld. Er had zich inmiddels nog een andere tegenkracht ontwikkeld. Er was een lobby van omwonenden ontstaan, ondersteund door enkele bekende Nederlanders, om de bunker te behouden. Met veel persoonlijke inzet probeerde hij keer op keer alle bezwaren te weerleggen. Bovendien vroeg hij elke keer als het plan werd besproken door de Commissie Ruimtelijke Ordening van de gemeenteraad, spreektijd aan om hen te overtuigen dat hij met veel zorg met de omgeving omging en dat nieuwbouw binnen een historische context lang niet altijd een verkeerde oplossing hoeft te zijn. Uiteindelijk ging de gemeenteraad in januari 2004 om. Er werd vrij direct begonnen met het opblazen van de bunker. Een stevige klus die een halfjaar in beslag nam. 27 explosies en meer dan 500 vrachtwagens waren er nodig om het gebouw te slopen. Oostmeijer was bijna dagelijks aanwezig en onderhield zelf contacten met bewoners die zich zorgen maakten om de gevolgen van de trillingen. Tijdens de bouw ontstond de nodige vertraging omdat de bouwinspectie zich afvroeg hoe de vele openingen in het gebouw constructief zouden worden opgevangen. Maar ook dit werd opgelost. In juni 2006 is het project definitief voltooid. Oostmeijer concludeert zelf: ‘In dit project lijkt niets vanzelf tot stand te zijn gekomen. Wat mij is opgevallen, is dat met alle vergunningen op zak niemand meer komt kijken of onze ambities uit het begin ook daadwerkelijk worden uitgevoerd. (…) Het Bolwerk is echter geworden wat wij ervan hadden gehoopt. Een eigenzinnig en eigentijds woongebouw dat toch volledig harmonieert met de historische omgeving. Licht en transparant, maar toch echt verankerd op deze ene plek, alsof het gebouw van morgen er altijd heeft gestaan.’
28.06.2010
22:12:27
../projecten/2/1/5.txt
&koptext=Algemene info Reykjavik
&contenttext= In de rest van Nederland staan de meeste nieuwbouwhuizen dicht op elkaar; in smalle straten die allemaal op elkaar lijken. De wijde blik ontbreekt, het vrije uitzicht. Niet de 22 benedenwoningen en 22 bovenwoningen in project Reykjavik, gelegen aan de Veldbloemlaan en Teunisbloemlaan in Vleuten. Hier kun je nog wegkijken, ver weg kijken, want je kijkt uit op een open ruimte. Bomen, sportvelden en iets verder weg Kindercluster Noord. Een enorme sporthal, drie scholen, kinderopvang en een buurtcentrum onder één dak. Zowel de Reykjavik woningen als het kindercluster zijn ontworpen door de Ierse architect Don Murphy (1965) van VMX Architecten uit Amsterdam. De Reykjavik woningen stonden op de shortlist voor de Rietveldprijs 2007. Uit het juryrapport: 'Het project Reykjavik in Vleuterweide van VMX Architects is een prettig afwijkende verschijning tussen alle jaren dertig replica's.' Naam project: Reykjavik Omschrijving project: 22 benedenwoningen en 22 bovenwoningen verdeeld over drie bouwblokken Totaal bruto bebouwde volume 44 woningen: 1.968 m² Totaal bruto vloeroppervlakte 44 woningen: 5.109 m² Gemiddeld bruto vloeroppervlakte per woning: 116 m² Ontwerp - realisatie: 2001 - 2006 Adres:Veldbloemlaan - Teunisbloemlaan Vleuten Opdrachtgever: Edwin Oostmeijer Projectontwikkeling bv Utrecht Architect: VMX Architects Amsterdam Constructeur: Van Rossum Raadgevende Ingenieurs Amsterdam Aannemer: bouwonderneming van bekkum bv | houten Installatieadvies: Nelissen ingenieursbureau bv Eindhoven Gevelelementen: PP Gevelbouw Ochten
07.11.2010
13:59:10
../projecten/3/1/5.txt
&koptext=Mijn Ithaka
&contenttext= ITHAKA / ALMERE Plan Ithaka is één van de zeven winnaars van de ontwikkelcompetitie ‘Ik bouw mijn huis in Almere.’ Zo maakte oud minister mevrouw Sybilla Dekker op 6 december 2007 bekend. 14 ontwikkelaars presenteerden op een grote manifestatie in november hun plannen voor mede-opdrachtgeverschap op één van de 7 velden in het Homeruskwartier. Op elk veld konden mensen kiezen uit twee projecten. De ontwikkelaar met de meeste inschrijvingen won de competitie. De notaris kreeg ruim 2200 geldige inschrijvingen, op zich al een teken dat deze nieuwe manier van ontwikkelen en bouwen veel mensen aantrekt. Mevrouw Dekker was voorzitter van de onafhankelijke selectiecommissie die eerder al een voorselectie maakte uit 74 ontwikkelaars. Deze hadden een visie ingediend hoe bewoners – als medeopdrachtgevers – betrokken kunnen worden bij de ontwikkeling van hun eigen woning en buurt. Op verzoek van Edwin Oostmeijer Projectontwikkeling en de Van Bekkum Groep hebben bewoners uit Almere meegedacht over de totstandkoming van Ithaka. Dit heeft geleid tot een sprankelend plan dat anders is dan anders. De wens om samen met andere bewoners voorzieningen te delen die men anders niet zou kunnen betalen, heeft bij het project Ithaka geleid tot een mooi, eigentijds en optimistisch ontwerp van VMX Architects en Ronald Rietveld Landschapsarchitectuur. Het project bevat 126 woningen en ateliers in allerlei soorten en maten rondom een gemeenschappelijk park van ruim een hectare met een biologisch zwembad van 50 meter lang en 10 meter breed. Dat zijn olympische afstanden en is in de Nederlandse woningbouw niet eerder vertoond. De bouw van Ithaka is gestart eind 2009. Kijk ook op www.mijnithaka.nl! Op verzoek van Edwin Oostmeijer Projectontwikkeling en de Van Bekkum Groep hebben potentiële bewoners meegedacht over de totstandkoming van Ithaka. Edwin Oostmeijer is van oorsprong journalist en heeft in de Utrechtse binnenstad een grote gecamoufleerde Duitse bunker laten slopen en vervangen door appartementengebouw ‘het Bolwerk.’ Hiervoor hij is hem de Gouden piramide 2006 toegekend, de Rijksprijs voor Inspirerend Opdrachtgeverschap. De Van Bekkum groep is een middelgrote bouwonderneming die sinds drie generaties ontwikkelt en bouwt aan de wereld om ons heen. VMX Architects is bekend van de fietsenstalling bij het Centraal Station in Amsterdam en het gele huis op IJburg dat volgens het Parool het meest gefotografeerde huis van Amsterdam is. Landschapsarchitect Ronald Rietveld heeft vorig jaar de Prix de Rome gewonnen voor een duinlandschap bij IJmuiden. Ithaka maakt deel uit van een prijsvraag die is uitgeschreven door wethouder Duijvesteijn. Via een open competitie werden ontwikkelaars opgeroepen hun ideeën in te dienen voor zeven verschillende bouwvelden in het Homeruskwartier van Almere Poort, elk met ongeveer honderd woningen. Zij moesten daarin aangeven hoe bewoners – als medeopdrachtgevers – betrokken kunnen worden bij de ontwikkeling van hun eigen woning en buurt. Niet de Gemeente, maar de toekomstige koper beslist welke ontwikkelaar er mag gaan bouwen. Maar liefst 74 ontwikkelaars leverden voorstellen in, die zijn beoordeeld door een onafhankelijke commissie onder leiding van Sybilla Dekker, oud-minister van VROM. De commissie selecteerde de veertien beste plannen, waaronder Ithaka. Bewoners maken de komende twee weken uit welke plannen worden gerealiseerd. De zeven plannen met de meeste inschrijvingen zijn hierbij doorslaggevend. De uitslag wordt op 6 december bekend gemaakt. De wens om samen met andere bewoners voorzieningen te delen die men anders niet zou kunnen betalen, heeft bij het project Ithaka geleid tot het ontwerp voor een project van 108 woningen en ateliers rondom een gemeenschappelijk park van ruim een hectare met een biologisch zwembad van 50 meter lang en 10 meter breed. Dat zijn olympische afstanden en is in de Nederlandse woningbouw niet eerder vertoond. Op basis van de uitkomsten van een serie workshops heeft VMX Architects het plan uitgewerkt en aangepast. Voor Ithaka gelden twee woningcomplexen uit de jaren zestig als inspiratiebron, een Deens en een Zwitsers project. Dat beide in de jaren zestig zijn gebouwd, zegt veel. Zowel de intentie om bewoners actief bij het ontwerp van hun woning te betrekken als het verlangen naar collectiviteit hebben hun wortels in die tijd. Na de periode van individualisering in de jaren tachtig en negentig zijn bewonersinspraak en gemeenschappelijkheid weer helemaal terug, maar dan in een hedendaagse vorm. Ithaka is daar een sprekend voorbeeld van. In Ithaka praten (potentiële) bewoners mee op verschillende niveaus: bij de fase waarin het programma werd uitgewerkt en de woonwensen werden geïnventariseerd, maar ook bij de fase waarin de woningen daadwerkelijk vormgegeven zullen gaan worden. Interessant daarbij is dat zij nauwelijks geïnteresseerd lijken te zijn in de architectonische uitwerking, de materialen die gebruikt gaan worden of de vorm van het dak. Men heeft vertrouwen in VMX Architects als het om de uitwerking gaat. Het is een verademing dat deze bewoners niet vragen twee-onder-één-kapwoningen in retroarchitectuur maar verlangens van een heel ander niveau blijken te hebben. Het gaat deze bewoners om de ruimte die ze krijgen in hun huis en daarbuiten. Ze willen aan huis kunnen werken, een grote keuken kunnen maken, overvloedig daglicht in hun woning of extra logeerkamers voor de kleinkinderen. Ze willen een woning die precies past. In veel opzichten is Ithaka een product van de tijdgeest. Alle betrokkenen zijn in de basis optimistisch over de kansen die een collectief project als dit kan bieden, ook al past het niet in wat marktonderzoekers beweren. De bewoners willen zich niet in hun standaard rijtjeshuis verschansen en elk hun eigen tuintje schoffelen, ze willen iets samen bouwen. Iets om trots op te zijn. De selectiecommissie onder leiding van mevrouw Sybilla Dekker, oud minister van VROM schreef deze maand over Ithaka: '...een overtuigend, concreet en realiseerbaar plan. Het ambitieniveau ten aanzien van landschap en architectuur is hoog. (...) Het proces is vernieuwend: het verhaal van Ithaka wordt verteld en gefilmd, de bewoners mogen fantaseren en improviseren, de ontwikkelaar en de ontwerpers staan garant voor de kwaliteit en de regie. Over het beheer van de gemeenschappelijke onderdelen is goed nagedacht. De commissie vindt dit plan een sterk concept met een grote rol voor de kopers.’ Kijk ook op www.mijnithaka.nl
07.11.2010
14:43:30
../projecten/4/1/5.txt
&koptext=
&contenttext= Burgemeester en Wethouders van Westervoort hebben in februari 2009 met de Van Bekkum Groep BV en Edwin Oostmeijer Projectontwikkeling BV overeenkomst bereikt over de ontwikkeling van De Schans. Een landschappelijk gebied aan de IJssel waar ruimte is voor circa 70 nieuwe woningen. Het plan van Onix Architecten is volgens een persbericht van de gemeente 'een bijzonder plan dat de ambitie van de gemeente voor deze locatie onderstreept en versterkt. Een plan waarmee unieke architectuur, passend bij de historie en het agrarisch landschap, wordt toegevoegd aan Westervoort.' Blikvanger in het gebied wordt een nieuw bastion op de plek van het rijksmonument Fort Geldersoorth waarvan alleen nog de funderingsresten in de grond aanwezig zijn. In oktober 2010 is gestart met de verkoop van 9 vrijstaande woningen. De overige woningen zullen vanaf 2011 gefaseerd op de markt worden gebracht. Zie ook www.parkdeschans.nl